19-02-09

Rudy Pevenage opnieuw achter het stuur van de volgwagen.

DSC00007_800x533

 

Bijna 32 maanden lang trok Rudy Pevenage (54) alleen door de woestijn. Sinds de zege van Francisco Mancebo zondag in de Ronde van California lacht hij opnieuw. Als is het niet meer zo breeduit als vroeger. Daarvoor heeft de 'Operación Puerto' te diepe wonden geslagen.

Als ploegleider van Team Rock Racing genoot hij voluit van de schouderklopjes die hij kreeg van de Europese collega's na de verrassende winst van de Spaanse 'ex-dopingzondaar' Mancebo in Santa Rosa. 'Ze deden me ook deugd', zegt hij in een van de eetzalen van de Holiday Inn, waar alle ploegen van de Tour of California zijn verzameld. 'In deze job maakte ik al alles mee, maar toch deel ik deze uitschieter in bij mijn persoonlijke top tien. Aangevoerd natuurlijk door de Touroverwinning van Ullrich in 1997. Ik had Jan zondag aan de lijn. Hij was naar de livebeelden op Eurosport aan het kijken. Hij was net zo zenuwachtig als ik. Deze overwinning was voor mij echt een ontlading. Maar ook voor mijn collega Laurenzo Lapage en voor de renners die hier toch als David tegen Goliath vechten. Ons budget is misschien een tiende van dat van de grote ploegen.'

Rock Racing is de naam van zijn nieuwe werkgever. Een team dat in Californië een jaar geleden met veel decibels zijn entree op het hoogste niveau maakte. Michael Ball, een extravagante modemaker uit Los Angeles, zou in geen tijd de internationale wielerscène veroveren. Met catwalkgirls in spannende kledij, Cadillacs als volgwagens, maar ook met een stel aangebrande renners op de loonlijst: Oscar Sevilla, Tyler Hamilton en Gutierrez bijvoorbeeld. Het leek erop alsof bij Rock Racing de bomen tot in de hemel groeiden, maar dat was zonder de financiële crisis gerekend. Rock Racing bestaat nog, maar is van luxejacht herleid tot een eenvoudige sloep, waar schipbreukelingen evenwel nog altijd een tweede kans krijgen. Zo ook Rudy Pevenage, de kloekhen van Jan Ullrich, die na de affaire Fuentes van 2006 samen met zijn poulain van hero tot zero werd gedegradeerd.

'Ik ben Michael Ball dankbaar. Hij is van het oordeel dat iedereen in het leven een tweede kans verdient. Ball belde me op daags nadat bekend werd dat Lance Armstrong zijn comeback maakte. Of Jan Ullrich geen zin had om ook terug te keren naar de sport die hem roem en rijkdom bracht? We spraken in november af in Los Angeles. Het klikte meteen. Geen haar op het hoofd van Ullrich denkt aan een comeback. Misschien dat hij in de toekomst eventueel een functie als public relations waarneemt, dat kan wel.'

Waarom opnieuw die stap nadat je sinds 30 juni 2006, de Tourstart in Straatsburg, samen met Ullrich van de aardbol leek verdwenen?

'Als je eenmaal door die microbe gebeten bent, is het moeilijk om ervan af te raken. Wielrennen is het beste wat ik kan en het liefste wat ik doe. Al had ik er geen rekening mee gehouden dat ik ooit nog zou terugkeren. Ik volgde een avondopleiding om in de immobiliënsector aan de slag te gaan. Ik was ook enkele maanden verkoper bij operator Proximus. Maar het valt niet mee om op je 55ste in een totaal nieuwe wereld te herbeginnen. Je bent te jong om in je zetel te blijven zitten en te oud om heel andere wegen in te slaan. Mijn vrouw Vera liet me de keuze, al vermoed ik dat ze liever had dat ik het niet meer deed.'

'Zonder Ball had ik nooit die stap gezet. Ik vond hier renners die allemaal in hetzelfde schuitje zitten, die om de een of andere reden belust zijn om revanche te nemen met de pedalen. Het zijn jongens die de luxe van megaploegen hebben gekend en die het nu met veel minder dan vroeger moeten doen. Al wil dat niet zeggen dat ze nu met een hongerloon moeten rondkomen. Maar ze houden van deze job. Ze willen fietsen, weer of geen weer. Getuige daarvan de toevalstreffer van Mancebo in Santa Rosa. Het was zo'n apocalyptische rit dat de helft van de goedbetaalde profs al met tegenzin aan de rit begon. Mijn jongens niet.'

Wanneer zag je deze bonte verzameling renners voor het eerst?

'De ploeg ging lange tijd aan een zijden draadje. Drie weken geleden was het organisatorisch nog een puinhoop. We hadden nog geen fietsen. Pas vorige week zette de UCI het licht op groen voor een licentie. Vóór de Tour of California trokken we voor tien dagen op trainingskamp in West Lake, in de buurt van Los Angeles. Daar zag ik al dat ze thuis goed hebben gewerkt.'

De BWB zei dat ze je niet zomaar een licentie als ploegleider zouden geven. Ondervond je moeilijkheden?

'Bondsprocureur Jaak Fransen vroeg opheldering. Ik heb een aantal zaken uitgelegd. Na enkele dagen kreeg ik mijn vergunning. Ik denk dat dit voldoende zegt.'

Waarom heb je je thuis in Moerbeke al die tijd opgesloten en nooit gepraat over je aandeel in de Operación Puerto?

'Ik kende Eufemiano Fuentes effectief. Eigenlijk al meer dan twintig jaar. Ik belde met hem, zoals veel van mijn collega's. Daar houdt het bij op. Ik praatte ook over de normale dingen des levens zoals over zijn dochtertje dat kanker had aan beide oogjes. Ik heb verklaringen afgelegd bij het parket in Bonn. Sinds november zijn we tot een vergelijk gekomen. Meer wil ik daar niet over kwijt. Ik kijk opnieuw vooruit. Het verleden is het verleden.'

Wat heb je van deze periode geleerd?

'Dat je in het leven vooral aan jezelf moet denken. Ineens vielen alle telefoons thuis stil uit die wereld waarin ik altijd was geweest. Enkele renners belden me nog. Velen durfden misschien niet omdat ze dachten dat de telefoon werd afgetapt. De eerste maanden was ik een wrak, ik raakte in een depressie. Mijn familie hield me overeind. Vóór 2006 was een advocaat de ver-van-mijn-bed-show. Op een bepaald moment had ik er vijf. Twee in Duitsland, twee in België en nog een in Spanje. Eén zaak weet ik zeker: geen enkele renner moet me nog praten over medische begeleiding. Geen woord meer. Daarvoor bestaan dokters. Sorry. Ik heb mijn lesje geleerd.'

Ivan Basso zat zijn schorsing uit, maar jongens als Fränk Schleck en Alejandro Valverde kwamen er wel goed van af.

'Ik noem geen namen. Jan en ik waren niet de enigen die Fuentes kende. En er waren volgens mij nog 'Fuentessen' aan het werk. In Duitsland hebben ze andere normen voor deze materie dan in Spanje. Italië is dan ook weer strenger dan Spanje. Ze hebben er een aantal namen uitgepikt. Het is heel moeilijk met dit gevoel te leven. Het is dan maar zo.'

'Ik denk dat het wielrennen - mede door het biologisch paspoort- opnieuw op de goede weg zit. Ik denk dat iedereen weer met gelijke wapens strijdt. Het blijft een van de mooiste sporten die er bestaan. Dat stelde ik deze week nog vast hier in Californië. Honderdduizenden die uren lang in de gietende regen staan te wachten, het zegt toch veel over een discipline die in Amerika geen traditie heeft. Ik ben bezig aan een boek. Niet om revanche te nemen. Het wordt géén dopingboek. Ik heb als renner en als ploegleider genoeg meegemaakt om uitsluitend over dat onderwerp te praten.'

12:32 Gepost door Marcel in Wielrennen | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

De commentaren zijn gesloten.